Tussenkomst nav financiële problemen bij het Antwerpse OCMW

Zoals gebruikelijk, wanneer het over belangrijke en onaangename zaken gaat, werden wij ter zitting geroepen zonder enig voorafgaande document.


Precies alsof hetgeen men ons vandaag uit het beleid ging zeggen en tonen improvisatie en inspiratie van het moment was. De problematiek kwam echter al uitgebreid ter sprake in het college en I.F. kreeg de opdracht een studie over de financiële problemen van het OCMW te maken.


De resultaten zijn al enkele weken bekent, en het zou normaal zijn die aan de gemeenteraadsleden vooraf over te maken naar aanleiding van deze themacommissie.


Maar men verkiest ons onvoorbereid onder te dompelen met de hoop het weerwerk tot een minimum te beperken. Een beproefde methode in dit huis.


 


De financiële toestand bij het OCMW i als het monster van Loch Ness. Duikt steeds opnieuw op. Maar dan wel duidelijk zichtbaar.


Dit tot begrijpelijk ongenoegen, niet alleen van de schepen van financiën, maar ook bij tal van zijn collega’s die vrezen voor de financiering van hun persoonlijke projecten nu het OCMW steeds meer stedelijke middelen opslorpt. Men kan een euro geen twee keer uitgeven.


Dat het OCMW volgens I.F. dit jaar afstevent naar een tekort van minstens 13,5 miljoen euro, sloeg blijkbaar in als een bom.


Eigenaardig, want men kon het zien aankomen. Ook voor 2009 was er een tekort. Kleiner weliswaar, maar toch 5,5 miljoen.


Er werd daar geen ruchtbaarheid aan gegeven. Men heeft dat in alle discretie opgelost bij de recente begrotingswijziging door 5,5 miljoen als “uitgaven vorige dienstjaren” over te hevelen naar het OCMW.


En waarschijnlijk had men het, weliswaar grotere, tekort voor 2010, ook wel rechtgezet bij budgetwijziging 2011. Dus, ware het niet dat een geacht OCMW-vice-voorzitter, profiterend van de deugddoende vakantie van zijn echte voorzitter, zijn ‘moment de gloire’ aangebroken zag om in volle komkommertijd de hele Antwerpse pers tot paniekzaaiende titels te brengen… dus ware dat niet gebeurd, dan zaten we nu niet in deze commissie.


Ere dus wie ere toekomt.


Want men moet tot de meerderheid behoren voor men gehoord wordt. Dat onze OCMW-raadsleden al van bij het voorleggen van het OCMW-budget waarschuwden en actie ondernamen, werd nauwelijks ernstig genomen.


 


En natuurlijk is er reden tot grote bezorgdheid. Enkele cijfers.


In 2006 kreeg het OCMW als stadstoelage 86 MM en had dan nog een overschot van 2 MM.


In 2009 was de oorspronkelijke stadstoelage 102 MM – 6 MM meer dus – en was er nog een tekort van 5,5 MM. Zodat de uiteindelijke stadstoelage 108 MM bedraagt op nauwelijks drie jaar.


Voor 2010 wordt 103 MM voorzien, maar zoals het er nu uitziet, zal dat minstens 115 MM worden. Een onrustwekkende evolutie die niet vol te houden is. Tenzij het OCMW maatregelen neemt om zelf – gedeeltelijk – het gat dicht te rijden. En om dit doel te bereiken werd I.F. ingeschakeld.


 


Bijstandsuitgaven en ouderenzorg zijn de twee grote uitgavenposten van het OCMW.


Oorzaak van de oplopende tekorten zijn de explosief stijgende kosten voor de bijstand.


De studie van I.F. is uiteraard nuttig en nodig.


Maar anderzijds verontrustend wanneer het beleid er de verkeerde conclusies zou uit trekken.


Zoals: geld van het zorgbedrijf overhevelen naar de bijstand.


Vooreerst dient opgemerkt dat de balans en de resultatenrekening van het ‘zorgbedrijf’ voor 2009 nog niet officieel zijn en er geen betrouwbare cijfers voor 2010 beschikbaar zijn. Geen voorbeeld van goed beheer dus. Maar dat is een ander probleem.


Natuurlijk is het mogelijk dat bij een momentopname blijkt dat het zorgbedrijf nu goed in kas zit en wel wat kan missen.


Dan moet men toch eerst de oorzaak daarvan opsporen. Want het budget 2010 van het zorgbedrijf voorzag oorspronkelijk zeker geen overschotten.


De oorzaak van de gunstige kastoestand bij het zorgbedrijf zal o.m. wel het gevolg zijn van het vertraagd uitvoeren van voorziene projecten met als gevolg dat het personeelsbestand eveneens echter blijft bij de prognoses.


Maar dan zal men dit geld volgende jaren zeker nodig hebben.


Want het OCMW heeft toch een ambitieus programma met meer serviceflats, meer dienstencentra, meer thuiszorg en gemoderniseerde RVT’s. Of is het dit niet meer, mevrouw de voorzitter?


Zelfs indien er dit jaar enige overschot bij het zorgbedrijf te vinden zou zijn, blijft dit geld, dat bestemd is voor bejaardenzorg. Het overhevelen naar bijstand kan 1 jaar de cijfers wat minder dramatisch maken en de stadstoelage wat afzwakken, maar kan zich de volgende jaren niet herhalen.


Tenzij, tenzij men de bejaardenzorg afbouwt ten gunste van de bijstand.


We zijn daar zeer duidelijk in.


Op een ogenblik dat er nog altijd wachtlijsten zijn voor RVT’s, serviceflats, thuiszorg.


Op een ogenblik dat iedereen waarschuwt voor de kostprijs van de vergrijzing, de toename van de zorg.


Behoort elke euro die het zorgbedrijf werd toegekend tot de ouderenzorg.


En dient een eventueel tijdelijke overschot gereserveerd voor volgende jaren. Het zijn niet onze ouderen die de bijstand moeten betalen.


Tot wat peuteren aan de dotatie aan het zorgbedrijf kan leiden, vinden we in een suggestie van I.F. die adviseert. Ik citeer: “De medische kosten door te rekenen aan de residenten van de RVT’s en niet meer ten laste van het OCMW te nemen”.


 


Collega’s, de dagprijzen van onze RVT’s zijn bij de hoogsten in dit land.


En het OCMW vergoelijkt dit met het argument ‘ja, maar bij ons is alles all-in’. Wel all-in is all-in. Ook de patiëntenopleg in de medische kosten.


Het Vlaams Belang verzet zich ten stelligste tegen de afbouw van de dotatie aan het zorgbedrijf.


I.F. argumenteert nog enkele andere mogelijkheden tot besparingen bij het OCMW. We nemen ze met een korreltje zout. In ieder geval hebben ze geen impact meer op het lopende jaar.


Zoals het niet meer ten laste nemen van de langdurige zieken bij de vastbenoemden in ZNA.


Natuurlijk is dit de logica zelf. Het is tijd dat ZNA op eigen benen staat en geen voordelen meer krijgt van het OCMW. Maar men kan dat niet afschaffen van vandaag op morgen. Terugkomen op het St-Valentijnsakkoord eist overleg en zal slechts geleidelijk kunnen.


 


Het ‘kerntakendebat’ voeren, oppert I.F.


Hoe dikwijls heeft onze partij daar al op aangedrongen.


Niet alleen bij het OCMW, ook bij de stad.


Natuurlijk is dit noodzakelijk, maar het werd nooit gevoerd want dan raakt men aan persoonlijke dada’s van schepenen en voorzitters en ideologieën.


I.F. citeert Elzenveld en maagdenhuis. De eeuwige voorbeelden.


En tot onze verbazing ‘zeemanshuis’.


Jawel, zeemanshuis. ’t Is nieuw.


Het OCMW wil warempel investeren in de aankoop van het verloederde Dock’s Hotel om er een nieuw zeemanshuis te vestigen.


Eerder creëert men dus nieuwe niet-kerntaken dan dat men er afschaft!


 


Laat ons realistisch zijn. Het overgrote gedeelte van het voorziene tekort zal uiteindelijk ten laste komen van de stadskas.


En bij ongewijzigde omstandigheden zullen deze tekorten in vergelijking met de meerjarenbegroting nog toenemen.


Het is duidelijk dat de tekorten zich hoofdzakelijk situeren in de bijstandsuitgaven. Rechtstreeks en onrechtstreeks in personeelsomkadering en infrastructuur. Het aantal bijstandsdossiers – of het nu leefloon, equivalent leefloon, of andere steunvormen betreft – is de laatste jaren zowat verdubbeld.


De economische crisis kan één van de oorzaken zijn, maar niet de enige en niet de voornaamste.


Zo’n 75% van hen die bijstand genieten in één of andere vorm zijn allochtoon.


Al of niet geregulariseerd, al of niet Europees staatsburger, al of niet de Belgische nationaliteit verworven.


De illegalen die nu in de procedure tot erkenning zitten, zullen uiteindelijk dit contingent nog verhogen. Dit zijn feiten waar niemand omheen kan.


En zo lang dit land geen strengere immigratiepolitiek voert, is er weinig hoop tot beterschap.


Men moet niet tot onze fractie behoren om objectief te erkennen dat het zo niet verder kan. Maatschappelijk en financieel.


In een stad als Antwerpen zit toch voldoende politieke zwaarwichtigheid om …


1.       Duidelijke taal te gaan spreken – of roepen – in Brussel dat het zo niet verder kan


2.       Om financiële compensaties te eisen voor de geïmporteerde problemen


Met de mildheid eigen aan mijn leeftijd, beperk ik mij ten overstaan van deze vreemdelingenproblematiek tot voorgaande objectieve vaststellingen die iedereen in deze vergadering wel zal erkennen. Althans, dat hoop ik.


Waarbij wij er toch nog eens nadruk willen op leggen dat onze partij nooit zal aanvaarden dat er één eurocent bestemd voor de toenemende zorg voor ouderen overgeheveld wordt voor andere doeleinden.


 

Hugo Verhelst
Gemeenteraadslid

Zoals gebruikelijk, wanneer het over belangrijke en onaangename zaken gaat, werden wij ter zitting geroepen zonder enig voorafgaande document.


Precies alsof hetgeen men ons vandaag uit het beleid ging zeggen en tonen improvisatie en inspiratie van het moment was. De problematiek kwam echter al uitgebreid ter sprake in het college en I.F. kreeg de opdracht een studie over de financiële problemen van het OCMW te maken.


De resultaten zijn al enkele weken bekent, en het zou normaal zijn die aan de gemeenteraadsleden vooraf over te maken naar aanleiding van deze themacommissie.


Maar men verkiest ons onvoorbereid onder te dompelen met de hoop het weerwerk tot een minimum te beperken. Een beproefde methode in dit huis.


 


De financiële toestand bij het OCMW i als het monster van Loch Ness. Duikt steeds opnieuw op. Maar dan wel duidelijk zichtbaar.


Dit tot begrijpelijk ongenoegen, niet alleen van de schepen van financiën, maar ook bij tal van zijn collega’s die vrezen voor de financiering van hun persoonlijke projecten nu het OCMW steeds meer stedelijke middelen opslorpt. Men kan een euro geen twee keer uitgeven.


Dat het OCMW volgens I.F. dit jaar afstevent naar een tekort van minstens 13,5 miljoen euro, sloeg blijkbaar in als een bom.


Eigenaardig, want men kon het zien aankomen. Ook voor 2009 was er een tekort. Kleiner weliswaar, maar toch 5,5 miljoen.


Er werd daar geen ruchtbaarheid aan gegeven. Men heeft dat in alle discretie opgelost bij de recente begrotingswijziging door 5,5 miljoen als “uitgaven vorige dienstjaren” over te hevelen naar het OCMW.


En waarschijnlijk had men het, weliswaar grotere, tekort voor 2010, ook wel rechtgezet bij budgetwijziging 2011. Dus, ware het niet dat een geacht OCMW-vice-voorzitter, profiterend van de deugddoende vakantie van zijn echte voorzitter, zijn ‘moment de gloire’ aangebroken zag om in volle komkommertijd de hele Antwerpse pers tot paniekzaaiende titels te brengen… dus ware dat niet gebeurd, dan zaten we nu niet in deze commissie.


Ere dus wie ere toekomt.


Want men moet tot de meerderheid behoren voor men gehoord wordt. Dat onze OCMW-raadsleden al van bij het voorleggen van het OCMW-budget waarschuwden en actie ondernamen, werd nauwelijks ernstig genomen.


 


En natuurlijk is er reden tot grote bezorgdheid. Enkele cijfers.


In 2006 kreeg het OCMW als stadstoelage 86 MM en had dan nog een overschot van 2 MM.


In 2009 was de oorspronkelijke stadstoelage 102 MM – 6 MM meer dus – en was er nog een tekort van 5,5 MM. Zodat de uiteindelijke stadstoelage 108 MM bedraagt op nauwelijks drie jaar.


Voor 2010 wordt 103 MM voorzien, maar zoals het er nu uitziet, zal dat minstens 115 MM worden. Een onrustwekkende evolutie die niet vol te houden is. Tenzij het OCMW maatregelen neemt om zelf – gedeeltelijk – het gat dicht te rijden. En om dit doel te bereiken werd I.F. ingeschakeld.


 


Bijstandsuitgaven en ouderenzorg zijn de twee grote uitgavenposten van het OCMW.


Oorzaak van de oplopende tekorten zijn de explosief stijgende kosten voor de bijstand.


De studie van I.F. is uiteraard nuttig en nodig.


Maar anderzijds verontrustend wanneer het beleid er de verkeerde conclusies zou uit trekken.


Zoals: geld van het zorgbedrijf overhevelen naar de bijstand.


Vooreerst dient opgemerkt dat de balans en de resultatenrekening van het ‘zorgbedrijf’ voor 2009 nog niet officieel zijn en er geen betrouwbare cijfers voor 2010 beschikbaar zijn. Geen voorbeeld van goed beheer dus. Maar dat is een ander probleem.


Natuurlijk is het mogelijk dat bij een momentopname blijkt dat het zorgbedrijf nu goed in kas zit en wel wat kan missen.


Dan moet men toch eerst de oorzaak daarvan opsporen. Want het budget 2010 van het zorgbedrijf voorzag oorspronkelijk zeker geen overschotten.


De oorzaak van de gunstige kastoestand bij het zorgbedrijf zal o.m. wel het gevolg zijn van het vertraagd uitvoeren van voorziene projecten met als gevolg dat het personeelsbestand eveneens echter blijft bij de prognoses.


Maar dan zal men dit geld volgende jaren zeker nodig hebben.


Want het OCMW heeft toch een ambitieus programma met meer serviceflats, meer dienstencentra, meer thuiszorg en gemoderniseerde RVT’s. Of is het dit niet meer, mevrouw de voorzitter?


Zelfs indien er dit jaar enige overschot bij het zorgbedrijf te vinden zou zijn, blijft dit geld, dat bestemd is voor bejaardenzorg. Het overhevelen naar bijstand kan 1 jaar de cijfers wat minder dramatisch maken en de stadstoelage wat afzwakken, maar kan zich de volgende jaren niet herhalen.


Tenzij, tenzij men de bejaardenzorg afbouwt ten gunste van de bijstand.


We zijn daar zeer duidelijk in.


Op een ogenblik dat er nog altijd wachtlijsten zijn voor RVT’s, serviceflats, thuiszorg.


Op een ogenblik dat iedereen waarschuwt voor de kostprijs van de vergrijzing, de toename van de zorg.


Behoort elke euro die het zorgbedrijf werd toegekend tot de ouderenzorg.


En dient een eventueel tijdelijke overschot gereserveerd voor volgende jaren. Het zijn niet onze ouderen die de bijstand moeten betalen.


Tot wat peuteren aan de dotatie aan het zorgbedrijf kan leiden, vinden we in een suggestie van I.F. die adviseert. Ik citeer: “De medische kosten door te rekenen aan de residenten van de RVT’s en niet meer ten laste van het OCMW te nemen”.


 


Collega’s, de dagprijzen van onze RVT’s zijn bij de hoogsten in dit land.


En het OCMW vergoelijkt dit met het argument ‘ja, maar bij ons is alles all-in’. Wel all-in is all-in. Ook de patiëntenopleg in de medische kosten.


Het Vlaams Belang verzet zich ten stelligste tegen de afbouw van de dotatie aan het zorgbedrijf.


I.F. argumenteert nog enkele andere mogelijkheden tot besparingen bij het OCMW. We nemen ze met een korreltje zout. In ieder geval hebben ze geen impact meer op het lopende jaar.


Zoals het niet meer ten laste nemen van de langdurige zieken bij de vastbenoemden in ZNA.


Natuurlijk is dit de logica zelf. Het is tijd dat ZNA op eigen benen staat en geen voordelen meer krijgt van het OCMW. Maar men kan dat niet afschaffen van vandaag op morgen. Terugkomen op het St-Valentijnsakkoord eist overleg en zal slechts geleidelijk kunnen.


 


Het ‘kerntakendebat’ voeren, oppert I.F.


Hoe dikwijls heeft onze partij daar al op aangedrongen.


Niet alleen bij het OCMW, ook bij de stad.


Natuurlijk is dit noodzakelijk, maar het werd nooit gevoerd want dan raakt men aan persoonlijke dada’s van schepenen en voorzitters en ideologieën.


I.F. citeert Elzenveld en maagdenhuis. De eeuwige voorbeelden.


En tot onze verbazing ‘zeemanshuis’.


Jawel, zeemanshuis. ’t Is nieuw.


Het OCMW wil warempel investeren in de aankoop van het verloederde Dock’s Hotel om er een nieuw zeemanshuis te vestigen.


Eerder creëert men dus nieuwe niet-kerntaken dan dat men er afschaft!


 


Laat ons realistisch zijn. Het overgrote gedeelte van het voorziene tekort zal uiteindelijk ten laste komen van de stadskas.


En bij ongewijzigde omstandigheden zullen deze tekorten in vergelijking met de meerjarenbegroting nog toenemen.


Het is duidelijk dat de tekorten zich hoofdzakelijk situeren in de bijstandsuitgaven. Rechtstreeks en onrechtstreeks in personeelsomkadering en infrastructuur. Het aantal bijstandsdossiers – of het nu leefloon, equivalent leefloon, of andere steunvormen betreft – is de laatste jaren zowat verdubbeld.


De economische crisis kan één van de oorzaken zijn, maar niet de enige en niet de voornaamste.


Zo’n 75% van hen die bijstand genieten in één of andere vorm zijn allochtoon.


Al of niet geregulariseerd, al of niet Europees staatsburger, al of niet de Belgische nationaliteit verworven.


De illegalen die nu in de procedure tot erkenning zitten, zullen uiteindelijk dit contingent nog verhogen. Dit zijn feiten waar niemand omheen kan.


En zo lang dit land geen strengere immigratiepolitiek voert, is er weinig hoop tot beterschap.


Men moet niet tot onze fractie behoren om objectief te erkennen dat het zo niet verder kan. Maatschappelijk en financieel.


In een stad als Antwerpen zit toch voldoende politieke zwaarwichtigheid om …


1.       Duidelijke taal te gaan spreken – of roepen – in Brussel dat het zo niet verder kan


2.       Om financiële compensaties te eisen voor de geïmporteerde problemen


Met de mildheid eigen aan mijn leeftijd, beperk ik mij ten overstaan van deze vreemdelingenproblematiek tot voorgaande objectieve vaststellingen die iedereen in deze vergadering wel zal erkennen. Althans, dat hoop ik.


Waarbij wij er toch nog eens nadruk willen op leggen dat onze partij nooit zal aanvaarden dat er één eurocent bestemd voor de toenemende zorg voor ouderen overgeheveld wordt voor andere doeleinden.


 

Hugo Verhelst
Gemeenteraadslid

Misschien bent u ook geïnteresseerd in ...