Tussenkomst nav debat over Gemeentelijke Holding

“Grootheidswaanzin”, “hebzucht”, “wanbeleid”, “onkunde”, “bedrog”, … Dat zijn de begrippen die men nu algemeen hoort wanneer het over Dexia en de Gemeentelijke Holding gaat.


Gezien de beperkte tijd gaan we het hier niet over Dexia hebben, maar om de G.H. kunnen we niet heen.


Toen in 1997 het wat saaie maar oerdegelijke Gemeentekrediet opging in de Frans-Belgische constructie Dexia (een noodlottige beslissing blijkt nu), kregen de gemeenten (eigenaar van het Gemeentekrediet) uiteraard compensatie.


Gedeeltelijk in geld. Maar vooral in Dexia aandelen. Deze werden gecentraliseerd in de G.H.


In feite fungeert de G.H. als opvolger van het G.K. en dient het de belangen van de gemeenten veilig te stellen.


Gemeenten die, het dient gezegd, vooral geïnteresseerd waren in het jaarlijks dividend. Zolang dit van jaar tot jaar steeg, was het al lang goed.


Met 14,5% (meer dan 250 miljoen aandelen) is de G.H. de grootste Belgische participant in Dexia.


Antwerpen bezit zo’n 7% in de G.H. En zal wel de belangrijkste stedelijke aandeelhouder zijn.


Als de G.H. zich beperkt had tot het simpel beheren van Dexia-aandelen, was er nu geen vuiltje aan de lucht. Weliswaar zou hun portefeuille niet veel waard zijn, gezien het Dexia-debacle.


Niet prettig, dat wel, maar er zouden geen schulden zijn.


Dat de G.H. nu bulkt onder de schulden en het einde onafwendbaar is, is het gevolg van een dodelijke combinatie.


Een management, onder leiding van leerling-tovenaar Carlos Bourgeois, dat steeds meer risico’s nam om de G.H. te laten uitgroeien tot een “super-holding”, en een raad van bestuur die zich in slaap liet wiegen.


Bourgeois zweerde bij diversificatie en kocht aandelen van een 20-tal maatschappijen en fondsen.


Niet door war Dexia aandelen te verkopen of wat minder dividend uit te keren. Maar wel door het geld te lenen. Zo ontstonden de eerste schulden van de G.H.


De redenering was: onze portefeuille Dexia blijft de komende jaren in waarde stijgen en dekt ruimschoots onze kredieten. En toen kwam het Dexia-debacle in 2008.


De G.H. werd min of meer gedwongen om voor 500 miljoen deel te nemen aan een kapitaalsverhoging van Dexia. Maar had geen liquiditeiten meer. Dus moest men lenen.


En dan zien we die ongelofelijke constructie: de G.H. leent bij Dexia, met Dexia-aandelen in onderpand, om Dexia-aandelen te kopen!


Ondertussen eisten de gemeenten hun jaarlijks dividend, want anders kloppen hun begrotingen niet meer. De laatste dividenden werden dan ook maar met geleend geld uitbetaald.


En toen deed de G.H. een wanhoopspoging om nieuw kapitaal binnen te krijgen. Ze beloofden de gemeenten een jaarlijkse opbrengst van 13% wanneer ze intekenden op preferente aandelen.


Iemand die in de huidige marktsituatie 13%rente zwart op wit beloofd, vliegt in de cel. Totaal ongeloofwaardig.


Maar deze stad, Antwerpen, trapte er in en stortte zo’n 25 miljoen geld van de burger in de bodemloze put van de G.H.


Heden worden de bezittingen van de G.H. geschat op +/- 500 miljoen huidige marktwaarde. De schulden op +/- 1,5 miljard. Die kunnen nog oplopen.


Want de G.H. waagde zich ook aan zuiver speculatieve put operaties waarbij ze de verbintenis aanging op bepaalde data de volgende jaren Dexia-aandelen te kopen tegen 7 euro (de huidige koers is0,5 euro). Mogelijke kosten die optiecontracten de volgende jaren nog eens 40 miljoen euro.


De G.H. is dus failliet. En of het nu een onmiddellijk faillissement wordt of een begeleide vereffening, de burger zal het wanbeheer betalen. Of federaal, of gewestelijk, of gemeentelijk.


Wat zijn de nadelige gevolgen voor Antwerpen.


Aanvankelijk minimaliseerde schepen Bungeneers geruststellend: “OK, we verliezen dividend van 8,5 miljoen, dat is veel geld, maar we moeten dat relativeren. Het is minder dan 1% van de begroting.”


Het is maar zoals je het bekijkt. Maar het is natuurlijk geen éénmalig feit. Het is in lengte van jaren dat het dividend verdwijnt. Op 10 jaar is dat 85 miljoen. En daar kun je heel wat mee doen.


Maar is er meer. De participatie in de G.H. staat in de activa van de stad Antwerpen ingeschreven voor 60 miljoen. Een bezit kan men uitwinnen, kan men verkopen.


Maar nu is het 0 euro waard. De stad is nog eens 60 miljoen armer geworden.


Een belangrijk historisch actief, ons aandeel in het vroegere Gemeentekrediet is onherroepelijk verloren.


En dan het toppunt. In 2009, toen het debacle bij Dexia en bij de G.H. voor iedereen al duidelijk was, tekende Antwerpen in bij een kapitaalsverhoging van de G.H.


Zo’n 25 miljoen euro, geld van de burger, weggesmeten, verleid door een voorgehouden wortel van 13% interest!


De Dexia – G.H. – ramp kost ons veel, veel meer dan een jaartje dividend. En zal, samen met andere negatieve ontwikkelingen, drukken op de investeringsruimte van de volgende jaren.


Voorzitter, schepen,


Raden van Bestuur hebben een belangrijke opdracht. Zij vertegenwoordigen de aandeelhouders en moeten hun belangen verdedigen. Zij moeten het beleid van de management controleren en bijsturen of afremmen indien noodzakelijk.


Uiteraard moeten zij daarvoor over de nodige bekwaamheden en kennis beschikken om te kunnen oordelen over de hun toegewezen materie.


“De grote les” zei aftredend premier Leterme “die we misschien moeten trekken uit de Dexia – G.H. – affaire, is dat de raden van bestuur beter bemand zouden worden door technici met kennis van zaken dan door politici. Een understatement.


In de raden van bestuur van Dexia en de GH zitten hoofdzakelijk politici.


De bewoordingen en eigenschappen waarmee deze heren (dames zijn nagenoeg afwezig) bedeeld werden in de pers. Van De Morgen tot De Standaard, van Knack tot De Tijd, van Trends tot GVA… zijn voor een gematigd en beleefd iemand als uw dienaar, moeilijk hier te herhalen.


Citeren is echter niet verboden. Het komt er op neer dat ze omschreven worden al volkomen onbekwaam om de hun toevertrouwde taak te vervullen, enkel geïnteresseerd in hun royale vergoeding van zo’n 25.000 euro per jaar en de menukaart van het festijn na de vergadering.


Een gewone burger als u en ik, zou niet meer durven buitenkomen zonder het gezicht te bedekken, indien zo omschreven door de opiniemakers. Of luidkeels met argumenten protesteren indien men zich onrechtvaardig behandeld voelde.


Maar de politici-bestuurders tonen noch schaamte, noch woede. Ze reageren gewoon niet.


Antwerpen heeft het voorrecht dat twee prominente leden van de meerderheid in de raden van bestuur van Dexia Bank en GH zetelen.


Men zou denken dat, als het dan toch een politieker moet zijn, Antwerpen de schepen van financiën zou aanduiden, waarvan men moet aannemen dat hij vertrouwd is met de materie.


Maar neen, bij Dexia verkiest men een reclameman (is het omdat ze beiden “gebakken lucht” verkopen) en bij de GH iemand die heel welbespraakt is in zijn domein, cultuur, maar verdacht zwijgzaam over zijn bestuurstaak bij de GH.


Want, collega’s, nooit in deze gemeenteraad hebben wij enig verslag, enige inzage gekregen over het reilen en zeilen van de GH. Niettegenstaande het enorm belang voor de stedelijke financiën.


Noch schepen Bungeneers, noch de direct betrokken leden van de raden van bestuur, burgemeester en schepen Heylen, hebben de moeite gedaan om de gemeenteraad te informeren over oorzaken en gevolgen.


Alle intercommunales – tot het crematorium toe – komen regelmatig aan bod. Maar de meest belangrijke nooit. We moeten het maar zelf uitzoeken.


Zodat we wel genoodzaakt zijn te interpelleren over deze problematiek.


Kijk… de GH beheert zo’n 260 miljoen aandelen bij Dexia. Vermits Antwerpen goed is voor zo’n 7% aandeel in de GH, bezit de stad in feite zo’n 18 miljoen aandelen in de Dexia Holding.


In 2007 toen het Dexia-aandeel 20 euro noteerde, vertegenwoordigde dit een waarde van +/- 350 miljoen euro. Aan de huidige koers is dat +/1 10 miljoen euro.


In 2007 had de GH nauwelijks leningen lopen. Nu bedraagt de leninglast 3 keer zoveel als de huidige waarde van de activa. Theoretisch is dat voor het Antwerps aandeel ook zo.


Op 4 jaar tijd is een belangrijk kapitaal van de stad omgevormd tot een diepe put. De burger zal die put moeten vullen.


Het wanbeleid bij Dexia en de GH heeft de stad armer gemaakt. Naast de mening van schepen Bungeneers willen wij ook deze van de 2 Antwerpse bestuurders horen.


Misschien kunnen ze ons overtuigen van hun inspanningen om het tij te doen keren. Zeker van schepen Heylen, voorzitter van het Audit comité van de GH verwachten wij veel.


Hebben zij zich, integendeel, zoals de anderen beperkt tot zwijgen, eten en incasseren, dan vragen wij of ze bereid zijn ontslag te nemen en zich te laten vervangen door bekwame technici.


Zoals wijzelf, zullen ze zeker ontroerd zijn bij het gebaar van de heer Dehaene die uit pure schaamte zijn vergoeding terugstortte.


Het is niet verboden eenzelfde geste te overwegen, liefst rechtstreeks in de stadskas.

Hugo Verhelst
Gemeenteraadslid

“Grootheidswaanzin”, “hebzucht”, “wanbeleid”, “onkunde”, “bedrog”, … Dat zijn de begrippen die men nu algemeen hoort wanneer het over Dexia en de Gemeentelijke Holding gaat.


Gezien de beperkte tijd gaan we het hier niet over Dexia hebben, maar om de G.H. kunnen we niet heen.


Toen in 1997 het wat saaie maar oerdegelijke Gemeentekrediet opging in de Frans-Belgische constructie Dexia (een noodlottige beslissing blijkt nu), kregen de gemeenten (eigenaar van het Gemeentekrediet) uiteraard compensatie.


Gedeeltelijk in geld. Maar vooral in Dexia aandelen. Deze werden gecentraliseerd in de G.H.


In feite fungeert de G.H. als opvolger van het G.K. en dient het de belangen van de gemeenten veilig te stellen.


Gemeenten die, het dient gezegd, vooral geïnteresseerd waren in het jaarlijks dividend. Zolang dit van jaar tot jaar steeg, was het al lang goed.


Met 14,5% (meer dan 250 miljoen aandelen) is de G.H. de grootste Belgische participant in Dexia.


Antwerpen bezit zo’n 7% in de G.H. En zal wel de belangrijkste stedelijke aandeelhouder zijn.


Als de G.H. zich beperkt had tot het simpel beheren van Dexia-aandelen, was er nu geen vuiltje aan de lucht. Weliswaar zou hun portefeuille niet veel waard zijn, gezien het Dexia-debacle.


Niet prettig, dat wel, maar er zouden geen schulden zijn.


Dat de G.H. nu bulkt onder de schulden en het einde onafwendbaar is, is het gevolg van een dodelijke combinatie.


Een management, onder leiding van leerling-tovenaar Carlos Bourgeois, dat steeds meer risico’s nam om de G.H. te laten uitgroeien tot een “super-holding”, en een raad van bestuur die zich in slaap liet wiegen.


Bourgeois zweerde bij diversificatie en kocht aandelen van een 20-tal maatschappijen en fondsen.


Niet door war Dexia aandelen te verkopen of wat minder dividend uit te keren. Maar wel door het geld te lenen. Zo ontstonden de eerste schulden van de G.H.


De redenering was: onze portefeuille Dexia blijft de komende jaren in waarde stijgen en dekt ruimschoots onze kredieten. En toen kwam het Dexia-debacle in 2008.


De G.H. werd min of meer gedwongen om voor 500 miljoen deel te nemen aan een kapitaalsverhoging van Dexia. Maar had geen liquiditeiten meer. Dus moest men lenen.


En dan zien we die ongelofelijke constructie: de G.H. leent bij Dexia, met Dexia-aandelen in onderpand, om Dexia-aandelen te kopen!


Ondertussen eisten de gemeenten hun jaarlijks dividend, want anders kloppen hun begrotingen niet meer. De laatste dividenden werden dan ook maar met geleend geld uitbetaald.


En toen deed de G.H. een wanhoopspoging om nieuw kapitaal binnen te krijgen. Ze beloofden de gemeenten een jaarlijkse opbrengst van 13% wanneer ze intekenden op preferente aandelen.


Iemand die in de huidige marktsituatie 13%rente zwart op wit beloofd, vliegt in de cel. Totaal ongeloofwaardig.


Maar deze stad, Antwerpen, trapte er in en stortte zo’n 25 miljoen geld van de burger in de bodemloze put van de G.H.


Heden worden de bezittingen van de G.H. geschat op +/- 500 miljoen huidige marktwaarde. De schulden op +/- 1,5 miljard. Die kunnen nog oplopen.


Want de G.H. waagde zich ook aan zuiver speculatieve put operaties waarbij ze de verbintenis aanging op bepaalde data de volgende jaren Dexia-aandelen te kopen tegen 7 euro (de huidige koers is0,5 euro). Mogelijke kosten die optiecontracten de volgende jaren nog eens 40 miljoen euro.


De G.H. is dus failliet. En of het nu een onmiddellijk faillissement wordt of een begeleide vereffening, de burger zal het wanbeheer betalen. Of federaal, of gewestelijk, of gemeentelijk.


Wat zijn de nadelige gevolgen voor Antwerpen.


Aanvankelijk minimaliseerde schepen Bungeneers geruststellend: “OK, we verliezen dividend van 8,5 miljoen, dat is veel geld, maar we moeten dat relativeren. Het is minder dan 1% van de begroting.”


Het is maar zoals je het bekijkt. Maar het is natuurlijk geen éénmalig feit. Het is in lengte van jaren dat het dividend verdwijnt. Op 10 jaar is dat 85 miljoen. En daar kun je heel wat mee doen.


Maar is er meer. De participatie in de G.H. staat in de activa van de stad Antwerpen ingeschreven voor 60 miljoen. Een bezit kan men uitwinnen, kan men verkopen.


Maar nu is het 0 euro waard. De stad is nog eens 60 miljoen armer geworden.


Een belangrijk historisch actief, ons aandeel in het vroegere Gemeentekrediet is onherroepelijk verloren.


En dan het toppunt. In 2009, toen het debacle bij Dexia en bij de G.H. voor iedereen al duidelijk was, tekende Antwerpen in bij een kapitaalsverhoging van de G.H.


Zo’n 25 miljoen euro, geld van de burger, weggesmeten, verleid door een voorgehouden wortel van 13% interest!


De Dexia – G.H. – ramp kost ons veel, veel meer dan een jaartje dividend. En zal, samen met andere negatieve ontwikkelingen, drukken op de investeringsruimte van de volgende jaren.


Voorzitter, schepen,


Raden van Bestuur hebben een belangrijke opdracht. Zij vertegenwoordigen de aandeelhouders en moeten hun belangen verdedigen. Zij moeten het beleid van de management controleren en bijsturen of afremmen indien noodzakelijk.


Uiteraard moeten zij daarvoor over de nodige bekwaamheden en kennis beschikken om te kunnen oordelen over de hun toegewezen materie.


“De grote les” zei aftredend premier Leterme “die we misschien moeten trekken uit de Dexia – G.H. – affaire, is dat de raden van bestuur beter bemand zouden worden door technici met kennis van zaken dan door politici. Een understatement.


In de raden van bestuur van Dexia en de GH zitten hoofdzakelijk politici.


De bewoordingen en eigenschappen waarmee deze heren (dames zijn nagenoeg afwezig) bedeeld werden in de pers. Van De Morgen tot De Standaard, van Knack tot De Tijd, van Trends tot GVA… zijn voor een gematigd en beleefd iemand als uw dienaar, moeilijk hier te herhalen.


Citeren is echter niet verboden. Het komt er op neer dat ze omschreven worden al volkomen onbekwaam om de hun toevertrouwde taak te vervullen, enkel geïnteresseerd in hun royale vergoeding van zo’n 25.000 euro per jaar en de menukaart van het festijn na de vergadering.


Een gewone burger als u en ik, zou niet meer durven buitenkomen zonder het gezicht te bedekken, indien zo omschreven door de opiniemakers. Of luidkeels met argumenten protesteren indien men zich onrechtvaardig behandeld voelde.


Maar de politici-bestuurders tonen noch schaamte, noch woede. Ze reageren gewoon niet.


Antwerpen heeft het voorrecht dat twee prominente leden van de meerderheid in de raden van bestuur van Dexia Bank en GH zetelen.


Men zou denken dat, als het dan toch een politieker moet zijn, Antwerpen de schepen van financiën zou aanduiden, waarvan men moet aannemen dat hij vertrouwd is met de materie.


Maar neen, bij Dexia verkiest men een reclameman (is het omdat ze beiden “gebakken lucht” verkopen) en bij de GH iemand die heel welbespraakt is in zijn domein, cultuur, maar verdacht zwijgzaam over zijn bestuurstaak bij de GH.


Want, collega’s, nooit in deze gemeenteraad hebben wij enig verslag, enige inzage gekregen over het reilen en zeilen van de GH. Niettegenstaande het enorm belang voor de stedelijke financiën.


Noch schepen Bungeneers, noch de direct betrokken leden van de raden van bestuur, burgemeester en schepen Heylen, hebben de moeite gedaan om de gemeenteraad te informeren over oorzaken en gevolgen.


Alle intercommunales – tot het crematorium toe – komen regelmatig aan bod. Maar de meest belangrijke nooit. We moeten het maar zelf uitzoeken.


Zodat we wel genoodzaakt zijn te interpelleren over deze problematiek.


Kijk… de GH beheert zo’n 260 miljoen aandelen bij Dexia. Vermits Antwerpen goed is voor zo’n 7% aandeel in de GH, bezit de stad in feite zo’n 18 miljoen aandelen in de Dexia Holding.


In 2007 toen het Dexia-aandeel 20 euro noteerde, vertegenwoordigde dit een waarde van +/- 350 miljoen euro. Aan de huidige koers is dat +/1 10 miljoen euro.


In 2007 had de GH nauwelijks leningen lopen. Nu bedraagt de leninglast 3 keer zoveel als de huidige waarde van de activa. Theoretisch is dat voor het Antwerps aandeel ook zo.


Op 4 jaar tijd is een belangrijk kapitaal van de stad omgevormd tot een diepe put. De burger zal die put moeten vullen.


Het wanbeleid bij Dexia en de GH heeft de stad armer gemaakt. Naast de mening van schepen Bungeneers willen wij ook deze van de 2 Antwerpse bestuurders horen.


Misschien kunnen ze ons overtuigen van hun inspanningen om het tij te doen keren. Zeker van schepen Heylen, voorzitter van het Audit comité van de GH verwachten wij veel.


Hebben zij zich, integendeel, zoals de anderen beperkt tot zwijgen, eten en incasseren, dan vragen wij of ze bereid zijn ontslag te nemen en zich te laten vervangen door bekwame technici.


Zoals wijzelf, zullen ze zeker ontroerd zijn bij het gebaar van de heer Dehaene die uit pure schaamte zijn vergoeding terugstortte.


Het is niet verboden eenzelfde geste te overwegen, liefst rechtstreeks in de stadskas.

Hugo Verhelst
Gemeenteraadslid

Misschien bent u ook geïnteresseerd in ...